
Camperreis IJsland: de Ringweg route met de camper (tips & ervaringen)
Bijgewerkt op: 30-03-2026
Leestijd: 13 minuten
De Ringweg in IJsland is 1.336 kilometer lang en loopt in een grote cirkel om het hele eiland. Onderweg rijd je langs donderende watervallen, uitgestrekte gletsjers, zwarte zandstranden en eindeloze lavavelden bedekt met mos. Tussen deze highlights liggen campings op plekken die je nergens anders vindt. Dit artikel is gebaseerd op onze eigen camperreis langs de Ringweg — met praktische tips, eerlijke ervaringen en alles wat je nodig hebt om jouw reis goed voor te bereiden. Ideaal als je zelf een camper wilt huren in IJsland en de Ringweg route wilt rijden.
De Ringweg in IJsland: de route in één oogopslag
Hieronder vind je een beknopt overzicht van de belangrijkste stops langs de 1.336 kilometer lange route.
IJslandse Ringweg: praktische tips en ervaringen
Voordat je op pad gaat, is het slim om de praktische kant van een camperreis door IJsland goed te kennen. Zo vertrek je voorbereid en haal je het maximale uit je reis.
Vliegen en aankomst: de start van je reis
IJsland is vanuit Nederland goed te bereiken. Je vliegt vanaf Amsterdam Schiphol (AMS) naar Keflavík International Airport (KEF) — de internationale luchthaven van het land. Een directe vlucht duurt ongeveer 3 uur en 20 minuten.
Luchtvaartmaatschappijen zoals Icelandair en Transavia vliegen meerdere keren per dag, waardoor je flexibel bent in vertrek- en aankomsttijden.
Keflavík ligt op ongeveer 45 minuten rijden van de hoofdstad Reykjavík. De stad is het ideale vertrek- en eindpunt van de Ringweg: je begint er de route en sluit hem er ook weer af.
Direct na landing haal je je camper op bij of vlak naast de luchthaven. Geen gedoe met extra transfers: je laadt je spullen in, slaat de deur dicht en begint aan je avontuur.
Beste reistijd voor een camperreis in IJsland

Het hoogseizoen loopt van juni tot en met augustus. De IJslandse zomers zijn licht — soms de hele nacht — en er zijn volop festivals. Maar het hoogseizoen brengt ook de hoogste huurprijzen, dure vluchten en volle campings.
Ons advies: ga in mei of september. Je betaalt minder voor je camper én de campings, en je hebt de populairste plekken vaak bijna voor jezelf.
Heb je schoolgaande kinderen? Dan is de meivakantie een prima optie. Reken er dan wel op dat het fris is: in mei liggen de dagtemperaturen gemiddeld rond de 7 à 10 graden. Het weer kan snel omslaan, dus neem warme en winddichte kleding mee. Thermolagen zijn geen overbodige luxe.
Wij reden zelf in mei door IJsland en kijken er nog steeds op terug als een van onze mooiste reizen. Veel rust, mooi licht en relatief weinig regen.
Hoeveel dagen heb je nodig voor de Ringweg in IJsland?
Voor de volledige Ringweg heb je minimaal één week nodig. Met zeven dagen rij je de route, maar je hebt weinig ruimte voor spontane stops of omwegen.
Onze aanbeveling: plan 10 tot 14 dagen in. Dan rij je op je gemak, neem je de tijd voor kleine zijroutes en stop je gewoon als je iets interessants ziet langs de weg.
Twee omwegen zijn het zeker waard: de Westfjorden in het noordwesten en het schiereiland Snæfellsnes. Beide liggen iets buiten de Ringweg, maar ze vragen ruim de tijd.
En eerlijk gezegd: meer tijd is in IJsland altijd beter. Er is altijd nog een waterval, een warmwaterbron of een uitzicht om de volgende bocht.
Rijden op de Ringweg en verkeersregels

Met een Nederlands rijbewijs (categorie B) rij je in IJsland gewoon een camper tot 3.500 kg. Een internationaal rijbewijs heb je hier niet nodig — dat scheelt je gedoe.
Voor de meeste campers via CamperDays geldt een minimumleeftijd van 21 jaar, met een rijbewijs dat dan minimaal één jaar geldig is. Sommige kleinere basismodellen zijn al beschikbaar vanaf 20 jaar, maar het aanbod daarin is beperkter.
De volledige Ringweg is geasfalteerd en over het algemeen goed te rijden. Een standaard 2WD camper is prima voor de hele hoofdroute. Hierdoor is de Ringweg ideaal voor een rondreis door IJsland met de camper. Wil je de beruchte F-wegen inrijden — de onverharde paden naar de hooglanden — dan ben je wettelijk verplicht een 4x4 te nemen. Verhuurbedrijven houden zich hier strikt aan.
Houd ook rekening met de maximumsnelheden:
Binnen de bebouwde kom: 50 km/u
Op onverharde grindwegen: 80 km/u
Op asfalt buiten de bebouwde kom: 90 km/u
De boetes in IJsland zijn fors. En op grindwegen riskeer je bij te hoge snelheid ook schade aan de camper — die kosten zijn voor jouw rekening.
Dimlicht rijden is de hele dag verplicht: de klok rond, het hele jaar. Zet je lichten aan zodra je instapt en laat ze aan.
Wegafsluitingen op de Ringweg zijn zeldzaam, maar kunnen plotseling voorkomen door storm of harde wind. Download de app van umferdin.is of check de website dagelijks. Zo kom je niet voor verrassingen te staan.
Camper huren in IJsland
Via CamperDays vergelijk je eenvoudig de aanbiedingen van meerdere verhuurbedrijven in IJsland. Zo vind je de camper die past bij jouw route, je reisgezelschap en je budget.
Boek zo vroeg mogelijk. Zeker in de zomer is het aanbod snel uitgeput en zijn de prijzen hoger naarmate je later boekt. Vroeg boeken geeft je meer keuze — en vaak ook een betere prijs.
Eerlijk gezegd: een camper huren in IJsland is niet goedkoop. Maar je combineert er meteen vervoer en overnachting mee, en dat scheelt aanzienlijk ten opzichte van hotels.
Houd ook promoties en seizoenskortingen in de gaten. Via de CamperDays nieuwsbrief ontvang je kortingscodes en reistips direct in je inbox.
Onze favoriete campings langs de route

Wildkamperen is in IJsland verboden voor campers en motorhomes. Buiten aangewezen kampeerterreinen mag je niet overnachten — en dat wordt actief gehandhaafd. Het klinkt misschien beperkend, maar het is begrijpelijk: het landschap en de moslagen zijn kwetsbaar en herstellen na schade nauwelijks.
Gelukkig hoef je daar je vrijheid niet voor in te leveren. IJsland telt meer dan 150 officiële campings, goed verspreid over het hele eiland. Veel ervan liggen op plekken die je nergens anders vindt — direct aan een gletsjer, met uitzicht over een vulkanisch meer of verscholen in een rotslandschap.
Dit zijn onze drie favorieten langs de route:
Vík – Pálsgjá Camping: Een camping met karakter, verscholen tussen de donkere rotsen van het Höfdabrekka-wandelgebied. Dit landschap herken je misschien: het diende als filmlocatie voor Game of Thrones. De toegangsweg is smal en licht hobbelig, maar toegestaan voor gewone campers zonder 4WD.
Vatnajökull – Skaftafell Camping: Je staat hier letterlijk aan de poort van het nationale park. Vanuit de camping stap je zo een gletsjerpad op. Dit is een van de mooiste overnachtplekken van de hele Ringweg.
Mývatn – Camping Hild: Een eenvoudige en rustige camping met open uitzicht over het vulkanische meer. Minder druk dan andere plekken en een prima uitvalsbasis voor de omgeving.
Reisverslag: onze camperreis over de Ringweg
Stap in. We rijden met de klok mee over de volledige Ringweg van 1.336 kilometer - dé route voor een rondreis door IJsland met de camper. Hieronder lees je de exacte route die we namen — met alles wat we onderweg tegenkwamen: wisselende weersomstandigheden, onverwachte stops en plekken die je bijblijven.
De start van de Ringweg in Reykjavík

Reykjavík laat je snel los. Nog voor je het goed beseft, is de stad achter je verdwenen en kijk je uit over de baai van Faxaflói. Aan de overkant strekt een diep gegroeid schiereiland zich uit, dat uitloopt op de besneeuwde top van de Snæfellsjökull-vulkaan.
Die vulkaan is niet zomaar een berg. Jules Verne verklaarde hem tot de ingang van het middelpunt van de aarde — en als je hem zo ziet liggen, snap je dat.
Een paar kilometer buiten de stad is er geen bebouwing meer, geen geluid. Alleen zwarte lavavelden, felgroen mos en wind. Veel wind.
In dat landschap begrijp je meteen waarom IJslanders al eeuwenlang verhalen vertellen over trollen, reuzen en het Huldufólk — de verborgen mensen van kabouters, elven en dwergen. Achter elke zwarte rots kan iets — of iemand — op je wachten. In dit landschap is dat geen onzin. Het voelt gewoon zo.
Mývatn en Krafla: vulkanen in het hoge noorden

We rijden met de klok mee verder naar het noordoosten — het vulkanisch meest actieve deel van het eiland.
De eerste grote stop is de Goðafoss: de Waterval van de Goden. Het geluid hoor je al ver voor je hem ziet. Een ideale plek voor een korte stop of picknick naast de camper.
Dan komt het Mývatnmeer. Op het moment dat je er aankomt, denk je even dat je op een andere planeet bent beland. Je rijdt door een landschap vol scherpe lavavelden, stomende geisers en borrelende modderpoelen. De lucht ruikt naar zwavel.
We sloegen ons kamp op bij Camping Hild — rustig, met uitzicht op het meer, en een goede uitvalsbasis voor de dagen erna.
Een van de hoogtepunten was de beklimming van de Hverfjall: een pikzwarte tuffberg die zo'n 2.500 jaar geleden ontstond bij een grote uitbarsting. Bovenop blaast de wind je bijna omver, maar het uitzicht over het lavaplateaulandschap is het waard.
Daarna liepen we door de Dimmu Borgir — een labyrintachtig lavaveld vol bizarre rotsformaties.
Tot slot: de Grjótagjágrot. Een grot die wereldbekend werd als filmlocatie voor Game of Thrones. De ingang is verborgen en de ruimte binnenin is erg krap, maar het heldere blauwe water dat het rotsplafond weerspiegelt, is werkelijk bijzonder.
Belangrijk: zwemmen is hier strikt verboden. Door geothermische activiteit is het water opgewarmd tot 60 graden Celsius.
Dettifoss: de krachtigste waterval van Europa

Naarmate je verder het noordoosten inrijdt, wordt het landschap stiller en ruwer. Je komt langs kleine dorpjes, verlaten valleien en eindeloze vlaktes. Terwijl het in Reykjavík misschien zonnig was, ligt hier soms al sneeuw op de grond — ook buiten de winter.
Dan kom je bij de Dettifoss. De krachtigste waterval van Europa. Dat klinkt als een reclamespreuk, maar dit keer klopt het volledig.
Elke seconde storten 193 kubieke meter gletsjerwater 44 meter naar beneden de canyon in. De rotsen onder je voeten trillen. Het gebulder hoor je al lang voor je hem ziet.
Leg hier je camera weg. Sta er gewoon bij en laat het tot je doordringen. Dit is zo’n plek die je niet vastlegt, maar ervaart.
Vatnajökull, Jökulsárlón en de Svartifoss

Vanuit het havenstadje Höfn, in de zuidoostelijke fjorden, rij je westwaarts langs de Vatnajökull. Al ruim voor je de gletsjer bereikt, domineert hij de horizon. Het is alsof een bevroren witte zee gevangen zit achter een rij bergtoppen. Met een oppervlakte van 7.700 vierkante kilometer is de Vatnajökull de grootste aaneengesloten ijsmassa van Europa.
Bij Skaftafell parkeer je de camper aan de rand van het nationale park. Dit is een van de mooiste overnachtplekken van de hele Ringweg. Vanuit de camping lopen goed bewegwijzerde paden rechtstreeks omhoog naar de gletsjertong, omringd door opvallend groen.
Een aanrader is de wandeling naar de Svartifoss: twee uur voor en terug, met aan het einde een waterval omlijst door strakke zwarte basaltkolommen. Neem wat eten mee en doe het rustig aan.
Iets zuidelijker ligt Jökulsárlón — een gletsjermeer van zo'n 200 meter diep. Blauwe ijsbergen drijven traag in het heldere water, vlak voor het front van de gletsjer die ze afstoot. Er zijn boottochten beschikbaar, maar gewoon aan de oever gaan zitten en kijken is al een ervaring op zich. Daarna rij je rustig verder naar het zuiden.
Seljalandsfoss en Skógafoss in het zuiden

Na de Vatnajökull opent het landschap zich. Brede groene weilanden, boerderijen langs de weg, geothermische kassen met kleurige gewassen. Dit is paardenland. De IJslandse pony's staan rustig in hun omheiningen en kijken je na als je langsrijdt.
Dan kom je bij de Seljalandsfoss. Dit is een van de mooiste stops op de hele Ringweg. Het bijzondere hier: je kunt achter de waterval lopen. Er is een glibberig maar toegankelijk pad dat je helemaal rondom het water leidt. Je wordt nat — reken daar maar op. Maar dat hoort erbij.
Een paar kilometer verder staat de Skógafoss. Hier valt het water zo'n 60 meter naar beneden en bij zonnig weer hangt er bijna altijd een regenboog in de waterval. Klim de houten trap naast de waterval omhoog. Bovenaan heb je een weids uitzicht en begin je aan een mooi wandelpad dat de rivier stroomopwaarts volgt de hooglanden in.
Vlak voor de Skógafoss is er een camping. De plek is onmiskenbaar mooi — slapen met het geluid van de waterval op de achtergrond. Maar de prijs is aan de hoge kant en de sanitaire voorzieningen zijn verouderd. Goed om vooraf te weten, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.
Vík í Mýrdal: zwarte stranden en lupinevelden

Vík is het zuidelijkste dorp van IJsland, omgeven door sappige groene weiden. De stranden hier zijn anders dan elders: donker, dramatisch, met hexagonale basaltkolommen die recht uit de zee omhoogkomen. Zeeholten zijn uitgespoeld in de rotsen. Duizenden zeevogels — sterntjes en stormvogeltjes — broeden hoog in de kliffen.
De nacht brachten we door op de Pálsgjá camping, diep verscholen in het rotslandschap van het Höfdabrekka-gebied. Dit is de locatie waar Game of Thrones de scènes voor Westeros filmde — en dat geloof je meteen als je er staat.
De toegangsweg naar de camping is smal en hobbelig. Neem de tijd, rij rustig en je komt er goed. De weg is toegestaan voor gewone campers zonder 4WD.
Thingvellir: snorkelen tussen de continentale platen

Net voor je terug bent in Reykjavík, is er één omweg die je niet wilt missen: Thingvellir. Dit Nationaal Park staat op de UNESCO Werelderfgoedlijst, maar het is meer dan een mooie plek. Het zit diep in het collectieve geheugen van de IJslanders.
In het jaar 930 kwamen hier de eerste Vikingen bijeen voor hun Althing — het oudste parlement ter wereld. Terwijl elders in Europa feodale heren de dienst uitmaakten, debatteerden vrije mannen hier in dit dal over wetten en beslissingen.
De geologie is minstens zo indrukwekkend. Je loopt hier letterlijk door de Rift Valley — de naad waar twee tektonische platen actief uit elkaar worden getrokken. Aan de ene kant staat de Euraziatische plaat, aan de andere kant de Noord-Amerikaanse.
In de Silfra-kloof kun je snorkelen of duiken in het ijskoude smeltwater. Vissen zijn er niet. Maar je zwemt wel letterlijk tussen twee continenten. Dat maakt het de moeite waard.
Terug in Reykjavík: hier eindigt (en begint) de Ringweg
De laatste kilometers rijdt de Ringweg over de uitgestrekte lavavelden van het Reykjanesfólkvangur-natuurreservaat. Vanuit het niets duiken de eerste buitenwijken van Reykjavík op.
Na een week (of langer) onder open luchten, met niks om je heen dan landschap en stilte, voelen straatlantaarns plotseling vreemd aan. Bekend, maar ook een beetje buitenaards.
Dan zie je hem weer: de baai van Faxaflói. En aan de overkant, in het zachte avondlicht, gloeit de ijskap van de Snæfellsjökull — precies waar alles begon.
Je hebt 1.336 kilometer afgelegd. Je hebt stoom zien opstijgen uit de aarde, watervallen van dichtbij gevoeld en geslapen terwijl de wind om de camper gierde.
Dan moet je de sleutels inleveren. Dat voelt niet goed. Dat gevoel ken je waarschijnlijk.
Wij komen terug. In het najaar, om het noorderlicht te zien. Want de Ringweg is in elk seizoen de moeite waard.

Bedankt voor het lezen!
Heb je feedback over het artikel, vragen over het boeken van een camper of ben je op zoek naar tips? Neem dan hier gerust contact met ons op. We reageren zo snel mogelijk.




